Wij zijn vrij, onverveerd, en wij zullen nooit zwijgen…

CHARLIE

De terreuraanslag op het Parijse weekblad Charlie Hebdo, waarbij twaalf doden vielen, mag ons niet de mond snoeren, zegt columnist Theodor Holman.

Charlie Hebdo-redacteuren die ik wel eens een hand had gegeven, zoals Cabu en Wolinski, zijn vermoord. Dat waren collega’s voor wie ik grote bewondering had. Geweldige satirici!

Het is allemaal waar wat wordt gezegd: het is een aanslag op de vrijheid van meningsuiting, een aanslag op de cultuur, een aanslag op de rechtsstaat.

Het is eveneens een aanslag op u, Nederlander, Amsterdammer. Gisteren is er namelijk een aanslag gepleegd op uw recht van spreken. Op uw cultuur. En op uw rechtsstaat.

Wanneer het vrije woord de mond wordt gesnoerd, blijven er alleen nog maar valse woorden over.

Wil je daar iets aan doen, dan heb je moed nodig.

Hoe moet ik moedig zijn? Wanneer gaat moed over in het offer dat je bereid bent te brengen? Wanneer gaat moed over in naïviteit die tot de dood kan leiden? Hoe beteugel je je woede, de woede die ik na tien jaar weer tegenkom als een grote vijand en waarvan ik destijds ook al bang werd?

Charlie Hebdo is onthoofd.
Net als ik hadden de vermoorde redacteuren een vrouw, kinderen, kleinkinderen.
Wie had ooit gedacht dat humor een reden kon zijn om mensen te vermoorden?

Waar ben ik eigenlijk het bangst voor? Misschien wel voor de overgave. Misschien wel voor het besef dat ik – wij – verloren had.
We zijn in oorlog, maar ik wil er niet aan.
Ik voel mij machteloos.
Als er iets is, zoals een profeet die je niet mag bespotten, niet kritisch mag bestuderen, op geen enkele manier mag afbeelden, dan blijf je machteloos.

Tenzij…
Wat wil en wat kan ik doen? Ik hoor graag de stem van mijn kleinzoon en wil niet dood.
En ik werk bij Het Parool. Daar ben ik trots op.
Soms als ik door de stad loop, herinner ik mij de verhalen van de mensen die de krant zijn begonnen. Bijna tachtig verzetshelden zijn om hun werkzaamheden voor Het Parool gestorven. Sommigen vonden de dood in kampen, anderen zijn domweg gefusilleerd.

In deze krant moet hun mentaliteit voortleven, juist door de vrijheid je mening te uiten op de wijze die zij voor ogen hadden: informatief, kritisch, nu eens woedend, dan weer met humor, tegendraads en eigenwijs. Zo beloon je hen postuum en is hun offer niet voor niets geweest.

Wij zijn vrij, onverveerd, en wij zullen nooit zwijgen.

Wij
zijn
Charlie

(Door: Theodor Holman)

http://www.parool.nl/parool/nl/508/THEODOR-HOLMAN/article/detail/3825549/2015/01/08/Wij-zijn-vrij-onverveerd-en-wij-zullen-nooit-zwijgen.dhtml